Hangen in het Koffiehuis

Een advertentie in de Middelburgsche Courant meldt het volgende: ‘Men zal op Vrydag den 12 january 1781 in het Heeren Logement van Oranje, te Middelburg presenteeren te verkoopen, een sterk en welgebouwd dobbeld Huis en Erve genaamd de Druiftak staande op de Nieuwe Haven by de St. Janstraat.’ Bij het zogenoemde huisnamenproject van het Zeeuws Archief ontdekte ik dat logement de Druiftak op 28 mei 1806 is verkocht voor 65 pond Vlaams, 6 schellingen en 8 penningen. Helaas ontbreekt verder ieder spoor van de Druiftak.

In de Middelburgsche Courant verschijnt op 1 maart 1785 een advertentie: ‘Nog zal men ten zelven Dage en Plaats, des Avonds ten 9 Uuren, Presenteeren te Verkoopen: Een Huys en Erve genaamd De Pellekaan, staande en gelegen op de Nieuwe Haven, by de Sint Janstraat’. In de lootjesboeken van het Onze Lieve Vrouwegasthuis heb ik ontdekt dat Maria Cornelisse in 1788 dienstmeid was in de Pellekaan. Helaas heb ik niet kunnen ontdekken wie de eigenaar van de Pellekaan was.

Doorgewinterd

Adriaan Johannes van Goozen opent in 1869 het Nieuw Koffiehuis aan de Nieuwe Haven 49. Hij is wat je noemt een doorgewinterde horecaffer. Hij heeft eerder in café de Witte Ballon aan de Sint Janstraat 34 en daarvoor in café de Verwachting aan het Vlissings Wagenplein gezeten. Een jaar later wordt hij eigenaar van café Bellevue aan het Vlissings Wagenplein. Een kleine horecabaron.

Op 31 december 1871 verschijnt deze advertentie in de Middelburgsche Courant: ‘Oude- en Nieuwjaarsavond en vervolgens alle Zaterdag- en Zondagavonden Bal, bij A.J. van Goozen, Koffiehuis, Hoek St. Janstraat’. Men zal wel amechtig aan de toog gehangen hebben in het Nieuw Koffiehuis. In die tijd is de Drankwet nog niet van kracht, dus men kan drinken wat men wil.

Met ingang van 1 augustus 1874 neemt Abraham Adriaan Jacobus Barendse de zaak over van Van Goozen. De advertentie in de Middelburgsche Courant meldt het volgende: ‘Nieuw Koffiehuis. De ondergetekende heeft de eer zijnen stad- en landgenooten te berichten dat hij zijn Koffiehuis heeft geopend op den hoek van de Sint Janstraat. Zich in ieders gunst aanbevelende belooft hij eene nette en prompte bediening NB. Hij belast zich ook met het aftappen en leveren van bier aan huis. A.A.J. Barendse’.

Ontvreemding

Abraham is op 9 november 1870 getrouwd met Leintje Theune, maar Leintje overlijdt op 9 januari 1877 op 31-jarige leeftijd, een hard gelag. Op 28 augustus 1877 is er iets vreemds aan de hand en de Middelburgsche Courant doet verslag: ‘Als dader dezer ontvreemding werd spoedig aangezien zekere A.B, handelaar in vee enz. wonende te ’s-Heerenhoek, en gisterenavond omstreeks half acht is het der politie alhier gelukt dezen persoon in eene herberg aan de Nieuwe Haven alhier te vatten. Hij heeft zijne schuld bekend.’

De herberg van Abraham herbergt soms vreemde kostgangers. Abraham trouwt op 13 november 1878 met Anna Magdalena Bruijsschaart. Als Abraham op 1 april 1883 op 40-jarige leeftijd overlijdt is het over en uit met zijn logement. Men kan niet langer hangen in het Nieuw Koffiehuis.

Scharrelen in Noordzeegalm

Op donderdag 14 mei 1971 opent burgemeester Folkert Bulder Hotel Café Restaurant Noordzeegalm aan de Zuidstraat 106 in Westkapelle door een biertje te tappen. Eigenaar is het echtpaar Marjan en Wilfried Rosenthal. Hun zaak is al snel een begrip in Westkapelle, waar iedereen geporteerd is van een smakelijke maaltijd met een drankje. Wie wil er nou niet lekker tafelen? Wellicht wordt er ook weleens aan scharrelen gedaan in Noordzeegalm. Een scharreltje op zijn tijd is immers nooit weg.

Joop den Uyl spreekt op dinsdag 7 juni 1983 in Hotel Noordzeegalm. De spreekbeurt is georganiseerd door de afdeling Westkapelle van de PvdA en begint om acht uur, waarvan akte. Het is zeker een mooie avond geworden in Noordzeegalm, aangezien bij Ome Joop de gave van het woord door de aderen vloeide. Jammer dat ik dat niet heb mogen meemaken.

Op vrijdag 23 november 1984 wordt het boek ‘Dorp aan de Zeedijk’ van Krijn Faasse (bijgenaamd de Sampetter) gepresenteerd in Noordzeegalm. Adriaan Viruly is present evenals auteur Krijn Faasse en burgemeester Henk van Maldegem. Ik heb het boek op een prominente plaats in mijn boekenkast staan en blader er vrijwel dagelijks in. Het is een fantastisch boek dat een mooie inkijk geeft in wat er zich in het verleden in Wasschappel heeft afgespeeld.

Na 27 jaar lief en leed te hebben gedeeld in Noordzeegalm geven Marjan en Wilfried Rosenthal er in 1998 echter de brui aan. Zij dragen hun zaak met ingang van 1 juli over aan Theo en Mieke Hoogeveen. De advertentie meldt het volgende: ‘Met ingang van 1 juli 1998 dragen wij na 27 jaar onze zaak over aan Theo en Mieke Hoogeveen. Wij willen iedereen van harte bedanken voor de warmte, gezelligheid, en klandizie in al die jaren. Op 1 juli 1998 nemen wij afscheid en willen wij u kennis laten maken met de nieuwe eigenaren van 19.00 tot 22.00 uur met een drankje en een hapje! Wij wensen Theo en Mieke veel succes in Westkapelle. Nogmaals hartelijk dank iedereen! Wilfried en Marjan Rosenthal’.

Jaarwisseling

Mieke en Theo Hoogeveen blijven maar twee jaar in de zaak. Zij doen Noordzeegalm met ingang van 1 december 2000 over aan Adri, John en Ramon Prins. John en echtgenote Adri kennen het klappen van de zweep. Zij hebben jaren in de horeca gewerkt. Hun jongste zoon Ramon wil ook graag in de zaak en dat kan. Op eerste kerstdag kan er à la carte worden gegeten en op tweede kerstdag is er een buffet. Tijdens de jaarwisseling organiseert de familie een zogenaamde Sylvesterparty.  In januari 2001 komt het gezin Prins boven de zaak wonen.

Na drie jaar geeft het gezin Prins echter de pijp aan Maarten. Er is dus geen gescharrel meer in Noordzeegalm mogelijk. Op 10 mei 2003 opent de familie Yang-Zhou Chinees-Indisch-Kantonees specialiteiten- en wokrestaurant Sun Xing Guang in het pand. Helaas heb ik geen foto van Noordzeegalm kunnen vinden en dat spijt mij zeer. Ik heb in 2014 een foto gemaakt van Sun Xing Guang en daar zullen jullie het mee moeten doen.

Dag lieve Bo

Op 7 oktober 2017 overleed Bo Wesdorp, de eigenaar van het nieuwe café Hard & Ziel de Turfkaai in Middelburg. Dat bericht kwam snoeihard binnen bij heel veel , ook bij mij. Bo was een stadsicoon waar iedereen zijn eigen relatie mee had. Voor mij was het een oud-werkgever, maar vooral ook een maatje. In de kroeg kon ik heerlijk met hem bomen over de mooie en rauwe kanten van het leven, over ondernemen en over de liefde. Bo kon een wilde man zijn, maar dat was hij nooit als wij samen zaten. Dan was hij warm en attent. Lief zelfs.

Het afscheid van hem was heftig, nam voor sommigen letterlijk de hele week in beslag, maar het ademde in alles de geest van Bo, of Bolkie, zoals velen hem altijd zijn blijven noemen. Alles kwam samen bij het afscheid, afgelopen vrijdag. Op dat moment zagen we nog eens wat we allemaal al heel lang wisten: de kennissen- en vriendenkring van Bo was groot en divers. Boksers en drinkebroers, directeuren en danseressen. Het was mooi, om al die mensen nu eens samen te zien, maar ook pijnlijk en verwarrend. Zo veel. Mensen. Karakters. Vragen.

Rockdesert

Ik merkte dat mijn ogen vooral zochten naar mensen die in de jaren ‘90 veel in Bo’s café Rockdesert op het Damplein kwamen. Nu ik daar achteraf over nadenk begrijp ik wel waarom ik dat deed. In die periode leerde ik Bo pas een beetje kennen. Voor die periode was hij voor mij die jongen van de straat, die vriendelijke vechtjas, die ook wel eens als portier in het Middelburgse nachtleven werkte. Als klant, en later als medewerker van de Desert leerde ik dat hij veel meer in zijn mars had en dat wilde bewijzen. Hij nam de zaak over zonder al te veel kennis van ondernemen. Daardoor maakte hij soms fouten, maar dat gaf niet. Daar leerde hij dan weer van. Zulke dingen werden bovendien dik gecompenseerd door het succes van de zaak.

Lowlands

Het Lowlands-festival bestond nog maar net en Bo keek goed wat daar allemaal gebeurde en welke muziek aansloeg bij het publiek. Dat vertaalde hij geleidelijk naar zijn café. Een paar jaar lang kon je alles verwachten aan het Damplein. Blues en grunge, rock en punk, dance en hip-hop. Bo experimenteerde er op los. Hij waagde zich zelfs een paar jaar aan de organisatie van festivals (‘Ik zal ze eens wat laten zien daar op de Markt!’) of aan het gedogen van blowen in de zaak. Als iets niet bleek te werken, stopte hij er weer net zo makkelijk mee. ‘Die blowers zuipen niet genoeg, gozer!’

Paperassen

Tot 2016 was Bo aan het zoeken wat hij zou gaan doen. Hij twijfelde aan van alles en nog wat, maar koos uiteindelijk voor het verbouwen van een oud pand aan de Turfkaai. Een project waar hij zich met hart en ziel op stortte. Ooit bekeken we samen oude foto’s van een ‘bierhalle’, die daar al voor 1900 zat. Die gevel vond hij zo mooi. Uiteindelijk wist hij de sfeer van toen nog terug te halen ook. Maar hoe mooi zijn nieuwe zaak ook werd, er zat nog van alles dwars. Het experimenteren, zoals dat in de jaren ‘90 nog kon, was er niet meer bij. Regelgeving en paperassen, veranderd publiek en verstikkende voorschriften. Een van de laatste zinnen die hij me appte tijdens mijn vakantie luidde: ‘Het is niet meer zoals vroeger …’

Nu zeker niet meer. We gaan je missen, pik.

Een schreeuw in de Witte Leeuw

Zo rond 1760 opent Hendrik Ravesteijn herberg de Witte Leeuw aan de Herenstraat  E 60 in Domburg. Het adres wordt later Herenstraat 6. Wellicht is de naam afgeleid van bierbrouwerij De Witte Leeuw, die sinds 1613 actief is in Breda. Het kan, want er wordt in die tijd volop bier gedronken in Domburg en omstreken. Op 2 januari 1767 staat ‘de van Ouds bekende en Neringryke Herberg, genaamd De Witte Leeuw, staande en gelegen binnen Domburg’ te koop, zo meldt de Middelburgsche Courant.

Vermaard

Ravesteijn verkoopt zijn herberg vijf jaar later aan Willem Oostdijck voor 450 pond Vlaams. Dit bedrag vertegenwoordigt heden ten dage een waarde van zo’n 350 euro. Oostdijck blijft echter maar een jaar hangen in zijn herberg die hij verkoopt aan Adriaan Langebeke voor 300 pond Vlaams. Er is dus sprake van enige recessie met betrekking tot de herberg. De Middelburgsche Courant meldt het volgende: ‘Op Dingsdag 6 february 1770 wordt in de herberg genaamd het Schuttershof de van ouds vermaarde Herberge genaamd den Witten Leeuw, staande en gelegen binnen de voornoemde Stad, laatst bewoond ende aangekomen hebbende Adriaan Langebeke’.

Langebeke verkoopt op zijn beurt de Witte Leeuw voor 238 pond Vlaams aan Isaack Dirks. De recessie is wederom toegeslagen. Dirks blijft iets langer in de Witte Leeuw, namelijk tot 1787. Hij verruilt dat jaar het tijdelijke voor het eeuwige en zijn weduwe Maria Engelse verkoopt de herberg voor 400 pond Vlaams aan Jan Rudolf Steijn. Het gaat opeens weer goed met de herberg.

Steijn zit tot zijn overlijden in 1817 in de Witte Leeuw. De herberg wordt dat jaar geërfd door zijn zoon Anthoni Steijn. Af en toe slaakt men wel eens een schreeuw in de Witte Leeuw, want als het bier in de man is, is de wijsheid meer dan eens in de kan. Steijn zingt het lang uit in zijn herberg. Als hij op 3 november 1846 overlijdt, zet zijn weduwe Leuntje Flipse de Witte Leeuw voort. Maar als zij op 15 oktober 1868 op 80-jarige leeftijd naar haar man toegaat is het definitief uit met de pret.

Metselsteen

Herberg de Witte Leeuw wordt te koop gezet. De laatste advertentie uit de Middelburgsche Courant van februari 1869 meldt dit: ‘Te koop eene grote partij afbraak, metselsteen, straatklinkers, dakpannen enz. aan de Uitspanning De Witte Leeuw te Domburg’.

De Witte Leeuw is een jaar eerder al verleden tijd, want in 1868 openen Jean Baptist Napoleon de Groof en echtgenote Johanna Roose café annex winkel de Vriendschap in het pand. Tien jaar later nemen Jan Vincent de Groof en echtgenote Leuntje Steijn, dochter van Anthoni Steijn, de Vriendschap over. Als De Groof op 14 februari 1888 overlijdt zet zijn vrouw de zaak voort. Als zij op 10 augustus 1895 op haar beurt overlijdt, wordt er een streep gezet onder de Vriendschap. Pietje Passenier opent in 1909 Parkzicht in het pand. Dat verhaal is dit jaar al aan bod gekomen in de Middelburgse en Veerse Bode.

Borrelen in Brakstraat

Rond 1887 opent Pieternella Johanna Wigard-Geijp een kroeg aan de Brakstraat 13 in Middelburg. Een jaar later staat zij al te boek als winkelierster en tapster. Wellicht is Pieternella in de verte familie van Jan Cornelis Geijp die eigenaar is van het café Harmonie Estaminet aan de Zandstraat. Het kan, maar misschien ook niet.  Op 1 november 1893 verschijnt er een advertentie in de Middelburgsche Courant, die meldt dat J.H. Wigard, echtgenoot van Pieternella, verhuist naar het Oostkerkplein. Hij beveelt zich verder minzaam aan tot het leveren van steenkolen. Dat betekent einde verhaal voor Pieternella’s kroeg, maar of ze daar treurig om is, valt te betwijfelen.

Cornelis Houtop vraagt op 23 oktober 1893 een vergunning aan voor ‘de Kleinhandel in Sterken Drank’ in het pand Brakstraat 13. Op 10 november van dat jaar trouwt hij met Willemina Lievense uit Westkapelle. Houtop’s vader die ook Cornelis heet, heeft een herberg in Sint-Maartensdijk. Soms wordt het horeca-gen doorgegeven via de bloedbaan. Dat is zeker het geval bij Cornelis jr. Hij heeft echter niet lang in weelde kunnen leven. Twee jaar later is het uit met de pret en dient zich een nieuwe eigenaar aan. De broodwinning in de horeca is onderhevig aan schommelingen op de markt. Van honger, maar vooral van dorst.

Gekke naam

Houtop wordt in april 1895 opgevolgd door Adriaan Hendrikse. Hij vraagt die maand een vergunning aan voor ‘de Kleinhandel in Sterken Drank’ in het pand. Aangezien ik nergens een naam heb kunnen vinden, heeft Middelburg Dronk gekozen voor de naam Tapperij Brakstraat. Het is niet eens zo’n gekke naam en de vlag dekt de lading. Op 22 januari 1901 staat Adriaan te boek als tapper. Hij is getrouwd met Maria Anna Contant. Zij dragen een groot verlies met zich mee. Op die dag overlijdt zoon Jan Hendrikse op 6-jarige leeftijd. Kindersterfte komt aan het begin van de vorige eeuw veel voor.

Adriaan en Maria sluiten de deuren van de tapperij in 1912. Wellicht hebben zij genoeg van de drinkebroers die flesjes bier hijsen. Ik ben natuurlijk veel te jong om te hebben kunnen borrelen in de Brakstraat. Jammer, maar helaas.

Aannemer

Tot 1977 zit het aannemersbedrijf  Wattel in het pand Brakstraat 13. Het bedrijf fuseert later met Geschiere en weer later wordt dat bedrijf overgenomen door Bouwgroep Peeters. Zo gaan die dingen nu eenmaal in de wereld van de aannemerij. Ik spreek Alex Wattel wel eens in de stamhut aan de Markt 77 in Middelburg. Hij kan prachtige verhalen vertellen over het aannemersbedrijf. Hij zit zelf ook in de aannemerij en maakt menig reisje in den lande.